Kaap Agulhas
Ondanks de sombere weersvooruitzichten scheen de zon gewoon toen we wakker werden. We konden lekker buiten ontbijten want de temperatuur was zo vroeg in de morgen al aangenaam. Na het inpakke reden via een dirtroad richting Jongensfontein. De weg liep evenwijdig aan de zee op slechts enkele kilometers afstand, door mooi fynbos en langs oude boerderijtjes die nu omgebouwd zijn tot leuke vakantiehuisjes. We kwamen door het gehuchtje Vermakelikheid, idyllisch gelegen in het dal van de Duivenhokrivier. Artiesten hebben ook deze uithoek gevonden en zijn er gesetteld. Marianne was de enige die er niet van kon genieten, want zij houdt niet van dirtroads, niet in een auto, maar ook niet op de fiets in Nederland. Daarna ging het verder naar Witsand en vandaar naar Malgas, gelegen aan de Breede rivier, slechts 50 km verwijderd van de kust. Ooit was dit de belangrijkste haven van Zuid-Afrika, maar tegenwoordig is het een slaperig en vredig oord. We staken de rivier over via het enige, door mankracht getrokken veer van Zuid-Afrika.

Aan de andere kant namen we de tijd voor een koffiestop. In Bredasdorp deden we de laatste boodschappen en toen kregen we een telefoontje van de dame van het National Park. Henk en Dolly, die de nacht met ons zouden doorbrengen in het National Park aan zee, stonden al bij de receptie. We sloegen het mooie vissershaventje van Struisbaai daarom maar over, en zagen tot onze verwondering Dolly en Henk bij de plaatselijke fish & chipsshop. Het bleek dat het nog te vroeg was om in te kunnen checken. We namen daarom ook maar een verse portie fish & chips, ofschoon we verse broodjes voor de lunch ingekocht hadden. Daarna reden we alsnog naar Struisbaai voor een paar foto's, mooi en kleurig als altijd lag het haventje er bij.

We hadden in de krant gelezen dat men van plan is hier een soort waterfront aan te leggen, waardoor het aantrekkelijke van het authentieke haventje wel verloren gaat. De zon scheen nog altijd toen we tenslotte in ons Lagoon House trokken, gelegen op slechts een paar meter van de zee. Cape l'Agulhas is de meest zuidelijke punt van het vasteland van Afrika, zo genoemd door Portugese zeevaarders die ontdekten dat hun kompasnaald zonder afwijking naar het noorden wees. Op deze plek, en niet zoals veel bezoekers ten onrechte aannemen bij Kaap de Goede Hoop, botsen de Atlantische en Indische Oceaan op elkaar.

Het historische Lagoon House, vroeger Pietsie se Punt genaamd, ligt op het schiereiland ten westen van de Suiderstrand Enclave. Dichter bij zee kun je niet logeren. Na een kop koffie met door Henk en Dolly meegebrachte appelcake maakten we een kleine wandeling over het strand langs onze prive lagoon. Er lagen kleurige schelpen maar ook veel prachtig gevormde kiezels, het strandje wordt dan ook 'pebblebeach' genaamd. Onze sundowner konden we nog buiten drinken, terwijl binnen het brood stond te bakken (in de bakmachine). Maar pas tijdens het voortreffelijke eten met een lekker wijntje ging de zon echt onder, een schitterend gezicht!

Stilbaai, paradijs en zee
We kregen vanochtend een fantastisch verzorgd en uitgebreid ontbijt geserveerd op het deckvan Elephant Hide lodge, al was het nog wel een beetje fris in de schaduw. Daarna reden we weer verder richting westen. Onze eerste stop was in de mall van George. Naast de gewone boodschappen bleef ons allemaal iets aan de vingers hangen, van schoenen tot spijkerbroeken. Het was inmiddels weer behoorlijk warm, we besloten daarom niet de omweg naar Mosselvaai te maken voor een bezoek aan het BartholomeuDiaz museum.Zonde van het mooie weer. Naar Stilbaai was het toen niet ver meer. Ons B&B The Anchorage lag aan de rivier Goukou, die de stad in tweeen deelt. Leuke kamers, allemaal met rivierzicht, een kleine overdekte veranda en een kitchenette, zodat we niet uit eten hoefden te gaan.

Vivian's kamer lag op de eerste verdieping met de ingang aan de achterkant. Annette, de eigenaresse liep voorop over het smalle paadje, toen we Vivian plotsklaps hoorden gillen. Ze spotte een heuse Cape Cobra op nog geen 50 cm afstand van haar voeten! Peter, hun kleine zoontje liep vlak achter Vivian en wij zagen de slang nog net het struikgewas inschieten. Annette schreeuwde in paniek naar het kind en naar haar man, die bij de garages in gesprek was met Ad. Het directe gevaar was toen al geweken, en de mannen konden de slang niet meer ontdekken in het struikgewas. Annette en Leonne moeten ook vlak langs het dier zijn gelopen dat hoogstwaarschijnlijk door hun voetstappen opgeschrikt is geworden.

Na dit avontuur namen we op onze veranda een kop koffie en een boterham, en vervolgens gingen we op onderzoek uit richting strand en dorp. Lappiesbaai is de trots van het dorp want het heeft al jaren lang de blauwe vlag status gekregen. Een mooi wit strand, maar er woei een flinke wind direct uit zee. Kitesurfers waren druk in de weer met hun zeilen en surfplanken. Er zijn hier prehistorische visvallen, die echter alleen bij eb droogvallen en dan te zien zijn.

De Goukou is ca. 17 km bevaarbaar en toen we terug waren, gingen Ad en Vivian dan ook een stuk peddelen in een van de beschikbare kano's.

De wind was hier op ongeveer 3 km van zee weer iets gaan liggen en het was behoorlijk warm op het terras, maar tegen etenstijd, na het ondergaan van de zon was het er heerlijk. Ook het eten met bijbehorende wijn smaakte voortreffelijk.
Garden Route, Plett en Knysna
Gelukkig was de zon er weer bij toen we vanmorgen opstonden. Een prachtig uitzicht op de blauwe zee met schuimende golven.

Na het ontbijt vertrokken we naar Nature's Valley. De mooie Bloukranspas was nog steeds afgesloten, maar het gedeelte van de tolweg naar Nature's Valley was weer open. De erica bloeide overal volop in verschillende kleuren paars. Hier aan de Garden Route alleen al bloeien wel 28 van de 56 soorten die in Zuid-Afrika voorkomen. Nature's Valley lag er zoals altijd prachtig bij. De Grootrivier mondt hier uit in zee en vormt bij de monding een soort lagune. Het was nog heerlijk rustig en we besloten om een kleine wandeling over het strand te maken. Oystercatchers begeleidden ons daarbij, ze vlogen iedere keer op als we dichterbij kwamen om dan een eindje verder weer op het strand neer te strijken. Een mooie pikzwarte vogel met rode bek en rode poten.

Het werd al behoorlijk warm toen we bij de auto terug waren, we reden daarom naar Robberg Nature Reserve in Plettenberg Bay voor onze koffiepauze. Dit natuurreservaat ligt hoog op een schiereiland ten westen van de badplaats. Mooie uitzichten op de stad aan de ene kant, op de Indische Oceaan zover als het oog reikte aan de andere kant. Er stond een verkoelend windje.

We hadden geen zin meer in nog een wandeling, daarom reden we na de pauze maar eerst door naar ons overnachtingsadres: Elephant Hide in Knysna. Hoog gelegen in het woud met zicht op een deel van de prachtige lagune, waaraan de stad Knysna ligt. De opening van de lagune naar zee wordt gemarkeerd door 2 enorme kliffen, de Knysna Heads genaamd. In de lagune worden oesters gekweekt, en het voormalige industriele schiereilandje Thesen Island is nu omgebouwd tot een trendy eiland met leuke restaurants, winkeltjes, boutique hotels en woonhuizen. De kamers in Elephant Hide hadden allemaal lagune zicht, vanuit je bad, je bed, het zithoekje en hetterras. Erg mooi.

Na het inchecken togen we naar Isle de Pain op Thesen Island, een Frans bakkerswinkeltje met klein restaurantje voor een vers broodje en een glaasje wijn. Daarna reden we omhoog naar de Knysna Heads, het was echter te warm om daar lang te blijven rondhangen ondanks de mooie uitzichten.

Terug in onze kamers was het heerlijk koel met de airco aan en iedereen deed waar hij / zij zin in had.
We hadden met Gerrie en Hans (klanten van Vivian, die ook in Knysna logeerden) afgesproken om die avond samen te gaan eten, in Sirocco, gelegen aan de rand van Thesen Island. Dat was een gezellige aangelegenheid met wijn, lekker eten en leuke mensen. Het is weer eens leuk over de reiservaringen van anderen te horen. Het was een zwoele avond, maar toch was er geen plaats meer voor nog een glaasje wijn toen we 'thuiskwamen'!
Naar Tsitsikamma National Park
Het was bewolkt toen we wakker werden, maar het regende gelukkig niet meer. Die regen kwam toen we ter hoogte van Port Elizabeth waren. Gelukkig hadden we afgesproken bij Ard en Nell koffie te gaan drinken, want een koffiestop buiten zou niet zo leuk geweest zijn. Ard en Nell, goede klanten van Vivian, hebben een vakantiehuis in PE , we zijn daar al eens eerder langs geweest. De koffie en de milktart smaakten lekker en na nog wat inkopen gedaan te hebben, ging het verder westwaarts.
De wolken braken een beetje open toen we bij Tsitsikamma arriveerden, maar niet van harte. Onderweg passeerden we een VW 4 wheel drive busje met Nederlands kenteken. En wij maar raden wat die mensen in dat busje hier deden. Bij een parkeerplaats waar we de lunchstop maakten, stopten zij ook. Het was een nog jong echtpaar die helemaal van Nederland naar Kaapstad reden, ze waren al 11 maanden onderweg.

Ons huis in Tsitsikamma National Park lag aan het eind van een steil pad, hoog boven de rest van de chalets van het restcamp. We keken vanuit iedere slaapkamer en vanuit de woonkamer uit op zee. Bij het trapje naar de voordeur lag een dode Knysna Loerie, die zich waarschijnlijk te pletter gevlogen heeft tegen de muur van het huis. Nadat we ons geinstalleerd hadden, zijn we de Mouthtrail gaan lopen. Dit pad door het Tsitsikamma woud leidt naar 3 hangbruggen hoog boven de monding van de Stormsrivier.

Het Hollandse echtpaar liep toevallig hetzelfde pad, zij zullen hun tentje wel opgeslagen hebben op de camping hier. Na die inspanning was het met een sundowner heerlijk toeven op ons grasveldje met zeezicht.

Ons avondmaal was ook weer eersteklas met ossehaas en heerlijk gebakken aardappeltjes. Met het geluid van de zee als 'lullaby' zullen we straks heerlijk slapen.
Sibuya Game Reserve
Vanmorgen stond de zon weer hoog aan de hemel, en er was geen zuchtje wind. Het was dus al vroeg erg warm, benauwd iets wat in de Westkaap zelden voorkomt. Na het ontbijt deed iedereen waar hij, zij zin in had. Piet ging te voet op zoek naar zijn krantje, en Ad enik gingen naar het strand. Daar was het heerlijk en leeg, de golven waren zeker 2 meter hoog, je kon de branding trouwens horen in ons B&B, toch op een kilometer afstand van zee.

Tegen elven reden we naar Kenton on Sea, waar we moesten inchecken voor onze bijna 1 uur durende boottocht over de Kariega rivier naar het Sibuya reservaat. Net voordat we het plaatsje binnen reden, zagen we in de struiken langs de weg een kleurige Knysna Loerie vliegen. Het was erg warm (34 graden), maar ook heel benauwd. Het water op het eerste stuk van de rivier was prachtig blauw en er waaide zo nu en dan een verkoelend briesje. Na een klein uurtje arriveerden we in het River Camp, waar een mooie lunch voor ons klaar stond.

Het Sibuya Private Game Reserve is ca. 2000 ha groot met veel variatie in terrein en vegetatie. Van open graslanden langs de steile oevers van de rivier naar dichte begroeiing. We zagen ondanks de hitte en het tijdstip toch al snel impala's, zebra's, bontebok en daarna 4 white rhino's met hun brede bek. Ze zijn iets groter dan de black rhino's die bovendien een spitsere bek hebben. We zagen een eenzame giraf, een jonge bateleur arend met een nog groenige bek en groene poten, die eigenlijk niet in dit gebied voorkomt, 3 buffels, en een middelgrote uil, die zelfs de fanger niet direct kon thuisbrengen. Het was inmiddels helemaal bewolkt en het flitste in de verte. De wind was aangetrokken en het werd een stuk koeler.

Verder zagen we cheetah 's van erg dichtbij, een drietal leeuwen (een mannetje, 2 vrouwtjes) en tenslotte een kudde olifanten.


Die stond wat verder weg en omdat het al ging schemeren, besloot de ranger terug te rijden naar de aanlegsteiger. De bootrit was in een kwartiertje bekeken, in volle vaart ging het terug naar het beginpunt. En koud dat het was!! Net voor de onweersbui losbarstte, waren we in ons B&B, en onder het genot van een slaapmutsje werd de mooie dag nog eens doorgenomen.
Van Addo NP naar de Port Alfred aan de kust
Het was voor het eerst in tijden dat de zon niet scheen toen we wakker werden. Maar de temperatuur was aangenaam en het ontbijt met vers bruin, en vers rozijnenbrood smaakte heerlijk. Vanaf de veranda hadden we weer zicht op een kudde kudu's die langzaam aan op de modderige waterplas afkwamen. In de nacht hadden we regelmatig de jackals gehoord maar die kregen we deze morgen niet te zien. Op weg naar de zuidelijke in- of uitgang van het park stootten we op een kudde olifanten die de weg blokkeerde.. Ze verdwenen tenslotte in het struikgewas via een smal paadje net voor onze auto. Een van de grotere olifanten echter had daar geen zin in, zij stapte op slechts 50 cm afstand aan onze auto voorbij. Tot dichtbij de uitgang was er verder niet veel wild te zien. De plumbago stond overal uitbundig in bloei, we hadden overigens gezien dat de olifanten die lichtblauwe bloemetjes ook aantrekkelijk vonden.

Vlak bij de uitgamg zagen we tenslotte een enorme kudde buffels, zij lagen in de luwte van een bosje, want er stond zo dicht aan de kust meer wind.

Tijdens onze koffiestop kamen de eerste zonnenstralen te voorschijn, maar hoe verder we richting Grahamstown reden, hoe donkerder het werd. Op weg daar naar toe passeerden we talloze private game reserves. Grahamstown, een mooie oude universiteitsstad, lieten we links liggen. Het stadje is in 1812 gesticht, oorspronkelijk als Engelse legerpost, maar in 1831 werd het de op een na grootste stad van de Kaapprovincie. We namen de weg naar de kust via Bathurst, bekend om zijn uitgestrekte ananasplantages. Port Alfred zelf is een badplaats gelegen aan de monding van de Kowie rivier en aan de schitterende Sunshine Coast. De stad heeft een mild klimaat en prachtige witte, brede stranden met hoge duinen. We konden niet direct inchecken, en daarom gingen we met onze picknicklunch naar het strand. De zon was zo vriendelijk ook weer even te voorschijn te komen. Geen lange wandeling dit keer want bij de parkeerplaats hingen een paar ongure types rond.

We hebben daarna ook nog een strandje aan de westkant van de rivier ontdekt, wat meer geciviliseerd maar ook minder ruig en ongerept. De sundowner (zonder zon) namen we op ons prive terrasje.
Ons avondmaal kwam dit keer van Ocean Basket.
Addo Elephant National Park
We waren op tijd wakker omdat er waarschijnlijk guinea fowls op ons dak zaten. Het kabaal klonk helemaal door tot in de slaapkamers. Na het ontbijt reden we richting Cradock. Deze kleine stad heeft een historisch verleden want De Grote Trek van de Boeren begon hier. Er is een leuk straatje met allemaal gerestaureerde ambachtshuisjes, die nu zijn ingericht als hotelkamers.

Ter hoogte van de Olifantspas zagen we de eerste struiken plumbago en cape honeysuckle, die in dit gebied in het wild groeien, langs de weg verschijnen. De prickley pear (een eetbare cactusvrucht) was alom vertegenwoordigd. Het was een kleurig schouwspel.
Tegen het middaguur arriveerden we in Addo National Park, iets te vroeg om al in te kunnen checken. Wat was het druk hier, en wat een groot verschil met het rustige Mountain Zebra National Park. We reden een klein rondje door het park, en zagen al snel voorbij de ingang een stelletje leeuwen liggen. Voor ons ongunstig, want ze lagen in de schaduw van een paar struiken. We reden door naar de volgende dam en daar was een grote kudde olifanten aan het badderen, stoeien, en zich met modder vol aan het gooien, een leuk gezicht. Op de terugweg kwamen we weer langs de spot waar de leeuwen lagen te luieren. Dit keer hadden we meer geluk, want het mannetje stond vanuit de struiken op en ging in de volle zon poseren voor ons. Er zijn nog niet zoveel leeuwen in het park, we hadden dus echt geluk!

Daarna was het tijd om de sleutel op te halen en de hele boel het Hapoor Guesthouse in te sjouwen. Dit grote chalet had direct zicht op een (leeg) waterhole, maar het uitzicht op een deel van park was desondanks erg mooi. Ook de inrichting was leuk en op de veranda was het heerlijk koel. We hadden met vereende krachten in een wip onze warme lunch bereid. Daarna werd de broodbakmachine aangezet en konden we nog even relaxen alvorens we op gamedrive gingen.
Het Addo Elephant Park is de beste plek van Zuid Afrika om olifanten te kunnen zien, en bij de eerste dam stond alweer een grote kudde olifanten en een kudde Burchell's zebra's. De zebra's waren uitgelaten en renden heen en weer, totdat ze door een jonge olifant werden weggejaagd.

Op de verdere route zagen we weinig tot niets. Totdat we weer bij de plek kwamen waar we eerder de leeuwen hadden gezien. Ze lagen nog steeds in de schaduw te dutten. Wij hadden alle tijd en bleven geduldig wachten. Een van de 2 mannetjes tenslotte kwam overeind, gevolgd door zijn broer en tenslotte een vrouwtje. Die legde zich precies opzij van onze auto, op slechts een meter of 2 afstand, op een prime position dus. De andere auto's stonden allemaal andersom en die mensen keken recht in de zon.

We hebben tot sluitingstijd van de leeuwen genoten en eenmaal bij ons chalet waren we nog net op tijd om met een drankje bij de hand de zon te zien ondergaan. Bij het waterhole stond een kudde kudu's en 2 ervan waren in gevecht. Hun geweien botsten met lawaai tegen elkaar. In de verte schreeuwden de jakhalzen, een mooie avond in de bush.

Mountain Zebra National Park
Na een kom yoghurt met fruit gingen we nog voor 7 uur op 'pyama' drive. We namen de mooie Kranskoproute die door een landschappelijk prachtig gebied gaat. We reden langs de kronkelende Wilgerboom rivier naar de top tegenover de Kranskop. Er waren weinig dieren maar de schitterende natuur maakte dat goed. Daarna nog over de hoogvlakte waar de zebra's en bokken speels aan het dartelen waren. Ter hoogte van de Ubejane route, daar waren we gisteren de black rhino zagen, liep nu een enorme kudde kudu's. Later hoorden we van Mike, de kennis van Theewaterskloof, dat hij daar een cheetah gezien had. Je moet gewoon geluk hebben en op de juiste tijd op de juiste plaats zijn!

Na het ontbijt met vers gebakken pannenkoeken hoorden we de bavianen vlak in de buurt. Vanafde andere helling achter het huis kwam een alarm call van een kudu, een teken dat er ergens gevaar dreigde. Hoe zeer we ook speurden, wij zagen niets. Daarna was het heerlijk toeven onder de bomen van de picknickplaats met zwembad, niet ver van ons huis.
De braai tegen het einde van de middag was heerlijk en toen we daarmee klaar waren, hadden we nog net een dik uur om een rondje te gaan rijden. We besloten dehele Ubejane ronde te nemen maar voordat we bij het beginpunt waren, zagen we een black backed jackal langs het pad. Weer veel kudu's maar dit keer ook een hele kudde elanden. Tot onze grote verrassing botsten we bijna tegen een black rhino op. Het dier werd wat nerveus door onze nabijheid, en rende terug de bosjes in, waar tegelijkertijd een Kaapse buffel uit te voorschijn kwam. De neushoorn stak andermaal voor onze auto het pad over en onder een paar lage bomen zagen we daarna nog een drietal buffels, erg dichtbij.

Op weg naar huis staken 4 bat-eared foxes hun oren boven het gras uit en een stuk verder zagen we een porcupine de weg oversteken. Tegen de tijd dat we bij die plek waren, was het dier al weer een eind van het pad af, bijna onzichtbaar in het hoge gras. We konden nog net zijn stekels fotograferen. Jammer want we hebben dit dier (een stekelvarken) nog niet vaak bij daglicht gezien, het is tenslotte een nachtdier. Dit was een mooie einde van ons verblijf in het Mountain Zebra National Park want morgen vertrekken we richting Addo Elephant Park.
