We werden wakker bij het eerste ochtendgloren, we hadden immers aan drie kanten grote ramen en de gordijnen waren van een "see through" materiaal. Weer kleurde de hemel prachtig rood en zoals in dit deel van de wereld gebruikelijk, werd het in no time licht en zonnig. Vanuit het bed was het uitzicht net zo mooi als in de superdure Wolwedans Lodge in het Namibrand Nature Reserve (daar waar Brad Pitt en zijn Angelina op huwelijksreis hebben gelogeerd en wij zelf zijn daar tijdens ons eerste bezoek aan Namibië twee dagen geweest). Op verzoek van de twee V's was het ontbijt pas om 09.00 uur zodat ze eens lekker konden uitslapen. Daarna gingen Ad en Willy aan de slag met onze auto en op site inspection naar het nieuwe huis in aanbouw voor Willy en Rodica, en het onderkomen voor de staff. De nieuwe Spa ruimte was ook bijna klaar, de masseuse was zelfs al beschikbaar indien gewenst. De zon scheen, er was geen wolkje in de lucht, maar de koude wind was nog niet helemaal gaan liggen. Maar allengs werd het warmer bij het zwembad en we verkleurden ongemerkt iets te hevig. De kruipolie bracht overigens vooralsnog niet de oplossing, de auto bleef haperen. Na de lunch gingen we weer op nature drive met Willy en de game tracker, dit keer naar de Oranje rivier. We zagen wat meer wild dan de dag ervoor: struisvogels, kudu's, elanden en een steenbokje. Aan de rivier was het in de schaduw van wat struiken goed toeven, de mannen gingen aan het vissen, Vera deed ook een poging, Vivian zwom een rondje en Léonne hield de supervisie. De mannen vingen veel kleine yellowvisjes, maar de gametracker had een paar dikke exemplaren te pakken. Tussendoor een heerlijke gin tonic en tot slot een drive langs de voormalige missiepost en door de bergen weer naar de Lodge. Het was gedurende de dag steeds warmer geworden en terug in de jeep merkten we dat de weinige wind weer zwoel was. We zagen cheetah sporen maar ze hielden zich goed schuil. Sinds een van hen is afgeschoten door een buurman die niet van cheetahs houdt, zijn ze veel schuwer geworden en blijven bij mensen uit de buurt. Sandfontein had in het verleden een bloeiende gemeenschap. Het huis waar nu nog de staff en Rodica en Willy in gehuisvest zijn, was een politiestation aan een drukke verbindingsweg tussen Zuid Afrika en Namibië. De katholieke misiepost, bestaande uit diverse gebouwen en een soort kerkje, lag dicht bij de rivier. Deze post is nu verlaten op een enkele bewoner na die moet voorkomen dat er vanuit de Zuid-Afrikaanse kant van alles gestolen wordt. Omdat Sandfontein over een natuurlijke waterbron beschikte, was deze plaats van groot belang. Er is zelfs om gevochten tussen de Zuid-Afrikaners en de Duitsers (slag bij Sandfontein). Een paar jaar geleden is er op de farm naar uranium gezocht, waardoor de plannen voor de lodge en de conservation enige tijd stil kwamen te liggen. Uiteindelijk werd er niet genoeg gevonden om het mijnen de moeite waard te maken maar het heeft de shareholders in de farm geen windeieren gelegd. Het mijnbedrijf heeft al die tijd de missiepost gehuurd tegen wat Willy noemde een belachelijk hoge huur en met dit geld hebben ze alle nieuwe gebouwen kunnen betalen. Deze avond aten we alleen, Rodica was al met de kinderen naar Springbok, waar zij naar school gaan en de hele week in een wat ze hier kosthuis noemen, verblijven. Er stond oryxsteak op het menu maar we hebben inmiddels ervaren dat niet alle stukken van dit vlees even lekker zijn. We besloten de volgende dag direct na het ontbijt op een normale tijd te vertrekken in plaats van zoals gepland pas direct na de middag. Een gamedrive in de vroege ochtend had immers weinig zin omdat er toch niet veel wild te zien is in deze uitgestrektheid. En de rit naar Springbok zou sowieso meer tijd vergen nu de auto maar met beperkte snelheid rijdt.
Na een goede nachtrust en een lekker ontbijt kregen we te maken met een serieus probleem. De dag ervoor al, na een stop tijdens de rit van Lüderitz naar Aus, begon een van waarschuwingslampjes te branden: de auto reed slechts op halve kracht (restricted performance). Nadat we toen andermaal gestopt waren, en Ad het systeem had gereset, werkte alles weer normaal. Na het starten deze morgen echter lichtte hetzelfde waarschuwingslampje weer op en reed de auto ook nu op halve snelheid. Resetten hielp niet meer. We hebben de 70 km naar de B1 langzaam gereden, bergaf op ongeveer normale snelheid, bergop slechts met 60 km per uur. Eenmaal bij de B1, waar we volledig mobiel bereik hadden, hebben we Landrover gebeld en van Jan, de chefmonteur van Landrover Upington kregen we advies. In eerste instantie dacht hij, net als Ad, dat er vuil in de brandstoftank was gekomen. Hij gaf aanwijzingen hoe dat eventueel veholpen kon worden. Ad zag toen echter dat de slang naar de vacuumpomp loszat, misschien niet goed bevestigd tijdens de laatste servicebeurt net voor ons vertrek. Vastmaken alleen verhielp het probleen niet, er had zich waarschijnlijk te veel stof in opgehoopt. Ook daar had Jan een mogelijke, maar tijdelijke oplossing voor, zij het dat we dan een soort "kruipolie" moesten gebruiken. Dat zat helaas niet in Ad's toolbox. Om niet nog meer tijd te verliezen (we zaten 50 km van de dichtsbijzijnde benzine pomp af) zijn we maar verder gesukkeld naar onze volgende pleisterplaats Sandfontein Lodge in de hoop dat ze daar die bewuste olie zouden hebben. Sandfontein ligt Namibisch grondgebied, maar slechts gescheiden van Zuid Afrika door de Oranje rivier. Om er te komen moesten we zo'n 2 uur de binnenlanden in en de laatste kilometers over het terrein van Sandfontein farm waren het heftigste, over een stenig smal pad. Maar rond 13.00 kwamen we dan toch aan op onze bestemming. En wat lag het er schitterend bij, omringd door bergen in verschillende kleurschakeringen, de lucht blauw met witte schapenwolkjes erin, waardoor de kleurcontrasten alleen maar scherper werden. Het reservaat is 80.000 ha groot en telt meer dan 4000 dieren waaronder leopard, cheetah, caracal en black rhino. De luxe en intieme lodge, in het hart van het reservaat was zeer smaakvol ingericht. Na een kennismaking met een koel drankje konden we gelijk aanschuiven voor de lunch. Heerlijk brood en pasta met kip, wijn naar believen erbij. Als toetje een cappucino. We hebben daarna nog een tijdje met Rodica (zij en haar man Willy zijn shareholders en managers van de farm) gepraat en tenslotte werden we naar onze apart gelegen bungalows gebracht. Ad en ik in de suite, Vera en Vivian ieder in een bungalow(zelfde inrichting alleen iets kleiner). Allemaal fantastisch mooi ingericht en voorzien van alle gemakken (zelfs met horren voor de deuren en ramen). Daar zouden we het wel 2 dagen in uithouden! Nadat we ons geïnstalleerd hadden, vleiden we ons bij het grote zwembad op enorm zachte en grote ligbedden. Met een 360 graden uitzicht op het omringende landschap, een kudde paarden in de verte, en een koel drankje onder handbereik, Veel tijd hadden we niet, want om half 5 was er weer thee of koffie, en daarna gingen we op nature drive met Willy, Rodica en een game tracker. Een koufront had Namibië vanuit de Kaap bereikt en er stond een koele, harde wind, waardoor de kans wild tegen te komen in deze uitgestrektheid erg klein was. Maar een scenic drive door het prachtige landschap was meer dan de moeite waard. Een eland rende een tijdje voor ons op het pad, grote stofwolken opwerpend. Er waren struisvogels en we zagen een eenzaam steenbokje. Op een beschutte plek met schitterend uitzicht op de bergen stopten we voor een sundowner. De lucht kleurde langzaam rood. Terug in de lodge aten Rodica, Willy en Michelle gezellig met ons mee. In de suite was alles in gereedheid gebracht voor de nacht, muskietennet rond het bed omlaag, romantische kaarsjes aan en zelfs een warmwaterkruik in bed! Wat een contrast met enkele dagen ervoor toen het in de nachten maar niet wilde afkoelen!!
De kreeft gisteravond zag er geweldig uit, maar sommige stukken waren erg droog. En uitgerekend op de morgen van ons vertrek waaide het veel minder hard dan de voorgaande twee dagen. Tegen acht uur zetten we koers naar het oosten en bij Garub op een afstand van ca. 20 km van Aus sloegen we af om de wilde paarden te bekijken. Het verhaal gaat dat ze in een ver verleden in die buurt achter gelaten zijn door het leger van de Suid-Afrikaanse Unie, niemand weet het precies. Met het karige voedsel in de woestijn is het eigenlijk een raadsel hoe ze kunnen overleven. Er is een waterhole gemaakt en niet ver daar van af een hide. Toen we aan kwamen rijden stonden ze met tientallen in de buurt van dat waterhole maar bij het geluid van onze nadering galoppeerden ze weg verder de woestijn in. We zagen in de gauwigheid een veulen dat op veilige afstand van ons ging drinken bij zijn moeder. De rit naar Rosh Pinah, een mijnstadje in het uiterste zuidwesten van Namibie en tegen het Sperrgebiet aan gelegen, verliep voorspoedig. Daar aangekomen deden we snel wat boodschappen in de goed uitgeruste Spar en reden weer verder het Ai Ais National Park in. De dirtroad loopt evenwijdig aan de Oranjerivier die even verder bij Oranjemund (het diamantgebied bij uitstek) in de Atlantische Oceaan uitmondt. De verse broodjes werden met zicht op het water verorberd waarna de reis werd voortgezet. Bij Aussenkehr bogen we af op de C37, een onverwacht goede weg. Tegen half 4 kwamen we aan in Restcamp Ai Ais, gelegen bij de Fish River Canyon. Ai Ais betekent "brandend water" zo genoemd naar de warmwaterbronnen ter plekke. In eerste instantie leek het resort er wat stoffig en verlaten bij te liggen, later zagen we nog meer gasten en een overlander met kampeerders. Ons chalet was belachelijk groot met een enorme keuken annex woonkamer, 2 grote terrassen, een ruimte met een jacuzzi, die echter niet gebruiksklaar was, 2 hele grote badkamers en 2 idem slaapkamers. Er was enige verwarring omdat NWR niet erg duidelijk is op hun website, daar stond namelijk 3 beds, wat door iedereen geinterpreteerd wordt als zijnde 3 slaapkamers (daar hadden we ook om gevraagd bij de boeking). Vivian ging dus haar beklag doen en na wat gezeur kreeg zij een gratis hotelkamer toegewezen. Deze hotelkamers komen met een eigen deur uit in het binnen thermaal bad, een heel handig concept. Na de inmiddels gebruikelijke koude G&T gingen we op onderzoek uit. Het zwembad, dat ook gevoed wordt met water uit de warmwaterbron lag praktisch tegenover de deur, en had ook een enorme afmeting. Het water was heerlijk warm, dat klinkt natuurlijk raar bij een buitentemperatuur van ruim 33 graden. Maar de zon verdween al vroeg achter de hoge rotsbergen, waardoor het zelfs fris aanvoelde als je uit het water kwam. Na een verkwikkende zwempartij bekeken we Vivian's kamer en gingen en passant even het nog warmere thermaal bad in. Dit complex zag er goed uit, maar er was geen levende ziel te bekennen. Toen we wat later buiten op ons terras aan de avondmaaltijd zaten (pasta en gemengde sla) was het al behoorlijk afgekoeld. We gingen vroeg naar bed.
Met het geluid van de branding direct onder ons balkonnetje waren we in slaap gesukkeld, nadat we eerst nog een tijd met internet waren bezig geweest. Dit werkte namelijk pas fatsoenlijk nadat de meeste internetters blijkbaar naar bed waren. De zon scheen toen we opstonden en een uitgebreid ontbijt gingen nemen. En we waren al vroeg op weg naar Kolmanskop Ghost Town. Kolmanskuppe, zoals de stad oorspronkelijk heette, was de eerste mijnstad in Namibië nadat er voor het eerst diamanten ontdekt waren in 1908. Zonder toevoer van vers water, zand alom en de hevige wind iedere dag was het leven in eerste instantie erg moeilijk, maar al snel begon het stadje te floriseren en groeide uit tot een van de welvarendste steden ter wereld. Er was een school, een politiestation, een Kasino waar in behalve een gokpaleis, ook een restaurant, bar en een concerthal gevestigd was. Verder een bakker, een slager, een "general dealer" en het belangrijkste: een ijsfabriek. Een gratis blok ijs werd iedere dag bij elk huis afgeleverd. Kolmanskop slaagde erin te overleven ondanks WO1, de Grote Depressie en een groot deel van WO2. De mijn werd echter in 1943 gesloten en dit betekende het einde van de stad. Het geheel ligt er nu verlaten, half bedolven onder het zand, en gedeeltelijk ingevallen bij. Het is echter erg interessant om te zien hoe alles met alweer die Deutsche Gründlichkeit gebouwd werd in die jaren. Je mag overal vrij rond lopen, de huizen ingaan en daar zien hoe de mijnopzichter het mooiste huis tot zijn beschikking had, terwijl bijvoorbeeld de leraar het met wat minder moest doen. In enkele opgeknapte gebouwen waren nu respectievelijk een museum, een coffeeshop en een klein winkeltje gevestigd. Omdat we zo lekker vroeg waren, werden we niet gehinderd door toeristen die net op het verkeerde moment voor je lens langs lopen. Het was ook niet warm en de wind waaide alweer behoorlijk, zij het niet op volle namiddag sterkte. We werden zowat gezandstraald maar dat bleef de hele dag zo. Hierna zijn we de Lüderitz Peninsula Scenic Drive gaan doen, een route van ca. 50 km die tot aan Die Grosse Bucht het Sperrgebiet inloopt. Het eerste stuk was bar lelijk, pas bij de Second Lagoon werd het mooier met flamingo's die vooraan in het water stonden, op de achtergrond het opspattende water van de hoge golven. Omdat we vreselijk veel zin hadden in koffie, sloegen we enkele baaien over en reden voorbij de vuurtoren rechtstreeks naar Diaz Point waar een heel leuk eenvoudig restaurantje direct aan zee stond. De walnotentaart smaakte eigenlijk naar meer maar we hadden besloten het rustig aan te doen vandaag, één stuk voor 3 personen.... Gelukkig zaten we beschut op het terrasje, maar dat werd anders toen we de trap naar het Diaz Cross wilden beklimmen. Je moest je met 2 handen vasthouden aan de reling anders zou je zo de zee in gewaaid zijn. Hoe hoger we klommen, des te heviger werd de wind. Vera gaf het direct op, die zag niets meer door het zand in haar lenzen. Dit punt is genoemd naar de Portugese zeevaarder Bartolomeu Diaz, die hier als eerste Europeaan in 1487 landde. Hij rondde in opdracht van zijn koning Kaap de Goede Hoop en op de terugweg richtte hij op deze plek, geheel naar Portugese gewoonte, een stenen kruis op ter ere van de Portugese koning. Op de top staat nu een stenen replica van het kruis, het origineel bevindt zich in musea in Lissabon en Kaapstad. We reden daarna weer verder maar hebben daarbij niet alle baaien aangedaan. De Fjord baai klonk interessant genoeg om even te gaan kijken. Via een smal steil pad tussen de rotsen door kwamen we tenslotte beneden uit bij iets wat inderdaad op een piepklein fjord leek. Erg mooi om te zien. Omdat we hier wat meer beschut waren tegen de wind, hielden we een picknick met echte Duitse broodjes en een glaasje wijn. Het is tenslotte vakantie! De Grosse Bucht was groot, zoals de naam al deed vermoeden, maar ook hier stond veel te veel wind, we zijn niet eens uit de auto gestapt. Verder rijden vanaf dit punt is niet toegestaan, je mag in feite niet eens aan de rechterkant van het pad af. Terug bij de Second Lagoon begonnen net de voorbereidingen voor het snelheidsrecord windsurfen in een smalle stroom die evenwijdig aan het strand aldaar loopt. We hebben even staan kijken tot welke snelheden die makkers kwamen, een schitterend gezicht hoe zij door het water kliefden op hun surfborden. Aan de andere kant van de stad ligt dan een zogenaamd beschut stuk strand, Agate Beach genoemd. Een mooi strand met de witte woestijnduinen op de achtergrond, maar even goed winderig. Door die wind hadden we helemaal niet in de gaten dat het toch 27 graden was geworden. Na thuiskomst vleiden de dames zich dan ook met een boek bij het zwembad. Daarna was het tijd voor een sundowner in een van onze kamers met zicht op zee en tenslotte gingen we dineren in het Penguin Restaurant van het hotel. Dit restaurant staat bekend om zijn fantastische visgerechten. Morgen is het weer vroeg dag want dan rijden we van de zandwoestijn naar de steenwoestijn bij Fish River Canyon.
Ook deze dag hadden we een lange reis voor de boeg, van Sossusvlei door het Namibrand Nature Reserve naar Aus, en vandaar over de geasfalteerde B4 naar Lüderitz. We waren dan ook vroeg op pad. De C27 was een stuk minder goed berijdbaar, stenen spatten steeds achter tegen de auto, en op een gegeven hoorden we een knal en zagen dat de achterruit in duizend stukken was geslagen. Het was nog één geheel vanwege de "smash & grab" veiligheidsfilm die hierop aangebracht was. Om te voorkomen dat de ruit er bij de eerste de beste hobbel toch nog uit zou vallen, bevestigde Ad nog een hele rol tape rond en op het glas Toen we uit de Namibrand waren, namen we de afslag D707, die door het Tirasgebergte en direct langs de rand van de Namib Naukluft woestijn voert. De uitzichten waren adembenemend, aan de linkerkant de donkere bergen, daarvoor en ook aan onze rechterkant geel gekleurde vlakten met hier en daar een groene waas, op de achtergrond aan de rechterkant de rode zandduinen van de woestijn, daar tussenin de dirtroad van oranje/rood zand. Niet voor niets wordt deze route ook wel de landschappelijk mooiste van Namibië genoemd. We zagen grazende spring- en gemsbokken, parmantig rondstappende struisvogels, zebra's maar niet de giraffen, waarvoor borden langs het pad ons wel waarschuwden. We kamen op deze route meer auto's tegen dan in de voorgaande dagen bij elkaar, zelfs twee moedige mannen op met tassen volgeladen fietsen! Rond half een bereikten we de geasfalteerde B4, op slechts een paar kilometer van Aus vandaan. In het Bahnhofhotel namen we een kleine lunch, de service was ontzettend traag daar, maar het terras was gezellig en zat vol met toeristen. De resterende 120 km legden we in no time af, en hoe verder we Lüderitz naderden, hoe meer het begon te waaien. Ook de temperatuur daalde van 38 naar uiteindelijk 23 graden. Op ca. 20 km van het stadje vandaan waaide het eerste zand over de weg, de schuivers waren iets verderop al hun werk aan het doen, een nooit eindigende job want Lüderitz heeft slechts 8 windstille dagen in het jaar! In de zomer waait het gemiddeld 30 km per uur, in de namiddag kan dit tot 40 km per uur oplopen. De stad Lüderitz ligt ingeklemd tussen de oceaan en de woestijn en vormt een enclave in het Sperrgebiet, een 26000 km2 groot woestijngebied dat rijk is aan diamanten. Dit Sperrgebiet mag slechts met een speciale permit betreden worden en dan nog alleen onder begeleiding van een gids. Voor de rotsachtige kust liggen talrijke eilandjes, daarom werd het gebied lang Angra Pequena (smalle baai) genoemd totdat de Duitse koopman Adolf Lüderitz de baai en het omliggende gebied kocht in 1883 en het onder Duits Protectoraat plaatste. Het werd daarmee de belangrijkste haven van Duits Zuidwest Afrika en werd omgedoopt tot Lüderitzbucht, later afgekort tot Lüderitz. Nadat we bij Liz (Vivian heeft Liz leren kennen op een van haar Afrika reizen) in het tourist office een permit gekocht hadden voor Kolmanskop, checkten we in bij het Nesthotel, direct aan een van de baaien gelegen. Onze kamers met piepkleine balkonnetjes keken dan ook uit over het water. We namen een drankje op een beschut terras en gingen aan het begin van de avond naar een plaatselijk restaurantje. De vis was vers, smaakte erg goed en was belachelijk goedkoop. Voor 4 hoofdgerechten met een fles wijn en cola moesten we inclusief tip zeggen en schrijven 45 euro betalen!
Je mag pas het Namib Naukluft National Park in bij het eerste daglicht, in deze streek is dat zo rond 06.00 uur. Maar dan nog ben je te laat om de zon boven de rode duinen te zien opkomen want de route naar Sossusvlei is 65 km lang en je mag maar met 60 km per uur rijden. Het had dan ook geen enkele zin om voor dag en dauw te vertrekken. We konden het rustig aan doen, en tegen 07.00 uur waren we bij de Sossusvlei Lodge om onze bestelde picknickmand op te halen. Het was deze morgen ook nog eens bewolkt, in de afgelopen nacht had het zelfs 3 druppels geregend, dus van een zonsopkomst was niet echt sprake. Het was ondanks dat niet koud, sterker nog, rond een uur of 8 was het al 31 graden! Het laatste stuk naar de vlei is slechts toegankelijk voor 4x4's, en het zand lag er nog ruller bij dan 2 jaar geleden maar onze Disco heeft gelukkig nergens moeite mee. Vlak bij Big Mama ( een van de hoogste zandduinen in Sossusvlei, alleen Big Daddy is nog hoger en de klim een stuk langer) hielden wij onze picknick met veel vers fruit en yoghurt, vers geperst sinaasappelsap (Vivian's werk) en natuurlijk brood met vlees- en kaaswaren, en koffie, thee en melk. Wandelaars die al op de terugweg waren van de beklimming van Big Mama keken jaloers toe. De meeste mensen moeten natuurlijk met de "4x4 busdienst" naar de vlei, en kunnen hooguit een flesje water meenemen. Na het ontbijt gingen Vivian en ik op pad, Ad was verhinderd vanwege de blessure aan zijn kleine teen, Vera heeft last van hoogtevrees. Zij installeerden zich op de meegenomen stoeltjes met een boek en een puzzel! Zonder felle zonneschijn viel de klim dit keer mee, het was bovendien erg rustig, wij waren op dat moment bijna alleen boven. We zijn dan ook een hele tijd op de top blijven zitten, daar voel je je zoiets als King of the World met een adembenemend 360° zicht op het duinen landschap. Via de steile helling naar beneden "gehold" waar we uitkwamen in de vlei. Niet lang geleden heeft daar water gestaan, je kon het zien aan de gebarsten klei waarvan de bovenste dikke laag als een gebakken aardewerk pot gekruld omhoog stond. Veel van de struikjes hadden bloempjes, terwijl andere struiken al uitgebloeid waren. Bij Dune 45 (op 45 km afstand vanaf de ingang van het park) hielden we andermaal halt, dit voor Ad, want de parkeerplaats ligt pal voor het parkeerterrein, zodat ook hij kon genieten van het rode zand, zonder al te ver te hoeven lopen. De zon scheen hier, al was het niet uitbundig. Onder een boom lag een gemsbok in de schaduw, hij liet zich door ons niet storen en we konden hem tot op enkele meters benaderen. Ook waren er veel springbokjes en struisvogels in het park. Tot slot reden we naar het viewpunt van de Sesriem Canyon, en V en ik zijn een stukje afgedaald om wat foto's te kunnen nemen. In de Lodge dronken we een koffietje met een heerlijk stuk pumpkin taart, terwijl we daar een half uurtje konden wi-fi'en (uiteraard tegen betaling). Thuis gekomen gingen de 2 V's een baantje zwemmen in de kleine pool en Ad ging aan het brood bakken. Dit keer stond ciabatta op het menu. Het avondmaal smaakte weer heerlijk met al die verse salades die bij de deur afgeleverd worden, wat een service! We konden genieten van een bijzonder mooie, maar niet volledige zonsondergang. Sommige stukken van de geel gekleurde woestijn en een deel van de donkere bergen werden in een gouden licht gezet, daar tussenin stond een regenboog. Een bijzonder mooi einde van onze twee dagen in de woestijn.
We stonden mooi voor acht uur bij de grensovergang van Mata Mata, maar met het invullen van de benodigde formulieren waren we toch een klein half uur verder toen we echt konden gaan rijden. Het eerste stuk van ruim 200 kilometer was doodsaai, in feite het hele eind naar Mariental. Daar hebben we water, broodjes, braaihout en nog diverse kleine benodigdheden ingeslagen, de tank gevuld, waarna we een stuk asfalt hadden tot Maltahöhe. Dat schoot lekker op alhoewel de zandwegen allemaal prima te berijden waren. Zelfs het stuk over de Zarishooogte pas was bijgewerkt. We hoefden niet als de laatste keer tussen de kuilen en de rotsstukken door te slalommen. Het was ook nu weer heet, toen we op de pas even onze benen wilden strekken benam de hete wind je bijna de adem. Het landschap werd van hieraf uitzonderlijk mooi, bergen, gele grasvlakten met hier en daar groene vlekken van bomen en struiken. Tegen half 5 arriveerden we in Desert Camp bij Sesriem, de toegangspoort naar Sossusvlei. We logeerden in self catering tenten die van veel gemakken waren voorzien. Fijne bedden, genoeg ruimte in de slaapkamer met nog een bank en kasten, een badkamer met grote douche en aparte wc. In de buitenlucht een keuken achter canvasdoek (hetzelfde principe als in Upington), een zitje, een braai en een uitzicht over de bergen en de woestijn waar je stil van wordt! Natuurlijk was het even hectisch, allemaal moe en warm van de lange reis, en dan moet toch alles eerst een plaatsje krijgen, je kunt levensmiddelen nu eenmaal niet laten rondslingeren in de Afrikaanse hitte. Maar nadat we ons geinstalleerd hadden en aan een koud glas G&T (met verse citroen) toe waren, konden we eindelijk rustig genieten van deze bijzondere setting in een uniek landschap. Even na zessen werd ons van te voren besteld braaipack afgeleverd, met impala- en oryx steaks, drumsticks en natuurlijk boerewors. Daarbij allerlei heerlijke salades. Een flesje berry bean pinotage van Avondrood maakte de maaltijd compleet. Omdat we toch moe waren van de hitte en de autorit, gingen we op tijd naar bed. In de tenten koelt het natuurlijk een stuk sneller af tot een draagbare warmte dan in een huis. Het was dan ook aangenaam slapen.
De stroom ging niet zoals aangekondigd om 05.00 uur aan, zodat we moesten opstaan bij het licht van onze kleine lampjes. Buiten wordt het weliswaar ook om 05.00 licht maar in ons rietgedekte chalet bleef het wat langer donker. We waren amper de poort uit of we zagen een eland met een jong het pad oversteken, een mooi begin van de morgen. Op de afslag naar het 13e boorgat stonden wat auto's en vlak langs de zandweg lagen 3 cheetah's. Pas toen ze even later opstonden en wegliepen, zagen we dat het mankepoot met zijn broers was. Maar was toch het vierde broertje? Veel auto's volgden de dieren, wij dachten samen met een man uit Hermanus slim te zijn en namen de loop naar het waterhole. Niet ver van de afslag namelijk stond een kleine kudde springbokken en wij waren ervan overtuigd dat dit hun doel zou zijn. We hadden al gehoord dat ze hopeloze jagers waren, nog te jong om ervaren te zijn, wellicht hadden ze ook te weinig opleiding gehad toen ze het zelf moesten gaan redden. Tijdens het wachten op wat komen ging, raakten we aan de praat met de man uit Hermanus. Hij vertelde dat nummer 4 door een leeuw was aangevallen, waarbij de cheetah zijn rug had gebroken. Wat een triestig einde voor zo'n mooi dier. De cheetah's verdwenen voor ons uit het zicht en kwamen uiteindelijk ook niet meer opnieuw te voorschijn. We reden langzaam terug en vlakbij ons kamp lag de moeder cheetah met haar baby's onder een struik aan de overkant van de rivier. Van iemand anders hoorden we dat ze gisteravond nog een springbok had buit gemaakt voor haar en haar kinderen. In de verte zagen we een bat eared fox, en op en langs het pad een enorme kudde springbokken. In de rivierbedding lagen struisvogels die zichzelf met zand aan het bepoederen waren. Verder zagen we nog elanden, kudu's, gemsbokken, gnoes, giraffen en natuurlijk jackals. Na terugkomst lieten we ons het ontbijt met vers brood, eieren, bacon, tomaatjes en baked beans goed smaken. Het was toen om half 10 alweer 30 graden. Daarna deed iedereen zijn eigen ding, Vivian en Vera gingen een paar baantjes zwemmen, Ad tekende zijn droomhuis en keek tussendoor naar het nieuws van de avond ervoor op BVN van (herhaling). De warme maaltijd bestond uit spaghetti bolognese en gemengde sla. Het was weer lekker maar we moesten wel binnen eten vanwege de hitte. Tegen 17.00 uur gingen we op onze laatste gamedrive. De dieren zullen het ook wel warm gehad hebben, want er was niet veel te zien. Een giraffe familie bij waterhole Sitsas, ze stonden zo dichtbij dat een van hen maar zijn lange nek had hoeven buigen om zijn hoofd bij ons naar binnen te steken. We zagen een familie uil in en onder een boom, een African wildcat en tenslotte weer de moeder cheetah met haar baby's. Ze stonden op de top van een duin, half verscholen achter hoog geel gras. We hoorden jackals alarm calls afgeven maar het was jammer genoeg te ver weg en de tijd begon bovendien te dringen. Thuis namen we een wijntje op het terras. We zagen bij het weinige licht van de maan een eland het waterhole naderen en we hoorden het klikgeluid dat elanden blijkbaar maken als ze zich voort bewegen. Niet erg handig natuurlijk want het geluid verraadt hun aanwezigheid! We hadden er al op het forum over gehoord. Tegen tienen, net voordat de stroom afgezet zou worden, zochten we onze bedden op.